De Vogelkoopman (1988)
De geschiedenis spleet zich af in Rheinland-Pfalz in het begin van de 18de eeuw.
Baron Weps moet op bevel van de keurvorst een jachtpartij organiseren. Hij komt echter tot de ontdekking dat de boeren alle wilde zwijnen hebben gestroopt. Voor een flinke som geld is hij bereid dit door de vingers te zien; voor de jacht zullen tamme zwijnen worden gebruikt! Weps kan het zwijggeld goed gebruiken, want hij moet weer eens de schulden van zijn neef Stanislaus betalen. Als de keurvorst de jachtpartij afgelast, besluit Weps, om zijn geld niet mis te lopen, de zaak toch door te laten gaan. Stanislaus moet daarbij als keurvorst fungeren. De vogelkoopman Adam uit Tirol wil met Christel, de vrouwelijke postbode, trouwen, maar dat verhindert hem niet met een aardig boerenmeisje te flirten. Hij kan niet weten dat dit in werkelijkheid de keurvorstin Marie is, die haar man wil betrappen, omdat zij vermnoedt dat hij een slippertje maakt. Christel stelt Adam voor dat zij de keurvorst vraagt of deze niet een goede betrekking voor hem heeft, zodat ze een vast inkomen hebben en kunnen trouwen. Adam is niet erg enthousiast, want hij kent de reputatie van de keurvorst als het vrouwen betreft.
Christel gaat echter toch naar de keurvorst d.w.z. naar Stanislaus, een en ander tot ergernis van Adam, die niets meer van haar wil weten en voor wie vaststaat dat het “boerenmeisje” de zijne moet worden. De keurvorstin denkt dat Christel met háár echtgenoot samen is geweest. In de zomerresidentie van de keurvorst valt Stanislaus door de mand. Toch eist Adam van hem dat hij met Christel trouwt, want hij blijft er van overtuigd dat zij door hem is verleid. Pas als hem duidelijk wordt dat er tussen hen niets is geweest en wanneer hij er bovendien achterkomt wie het “boerenmeisje” in werkelijkheid is, verzoent hij zich met Christel.
Componist
Karl Zeller
Teksten
Moritz West en Ludwig Held
Oorspronkelijke titel
Der Vogelhändler
Première
10 januari 1891, Theater an der Wien, Wenen
Plaats van handeling
Rheinland-Pfalz, begin 18de eeuw
Uitvoering door EDOG
4 en 5 maart 1988, Diemer Operette Theater (Sporthal), Diemen.
Het verhaal is gebaseerd op Varin en Biéville’s “Ce que deviennent les roses”.
Rolverdeling | |||
---|---|---|---|
Keurvorstin Marie | Ineke Berends | Barones Adelaïde | Gea Tas |
Baron Weps, jachtopziener | Gerard te Beek | Graaf Stanislaus, zijn neef | Ronald Beerepot |
Adam, vogelkoopman uit Tirol | Rudi de Vries | Christel, vrouwelijke postbode | Elma van den Dool |
Würmchen, professor | Hans Hemelaar | Süffle, professor | Ruud Saan |
Schneck, burgermeester | Jan Rempt | Quendel, kamerheer | Erik Damman |
Jette, dienstmeisje | Mary Eikelhof | Gravin Mimi, 2de hofdame | Gerrie Velthuis |
Emerenz, dochter van Schneck | Marja Eikelhof | ||
Productie | |||
Regie | Ruud Saan | Repetitor | Corné Mooibroek |
Dirigent | Olof Groesz | Orkest | Amsterdams Promenade Orkest |
Decorbouw | Johan Ballering, Wout Beukeboom, Piet Bogaard, Paul Eikelhof, Henk ten Haven, Han Hesterman, Bert Lap, Rens Tas Sr., Jan Everts | ||
Bestuur | |||
Voorzitter | Jan Bussink | 2de voorzitter | Gerard te Beek |
Secretaris | Metha Beukelboom | Penningmeester | An van Oostveen |
2de penningmeester | Rens Tas | Public relations | Erik Damman |